Beter voorkomen dan genezen

Geert Wellens
Geert Wellens

“Give me six hours to chop down a tree, and I will spend the first four sharpening the axe.” 

(Abraham Lincoln) 

Het oude verhaal van de nieuwe kleren van de keizer is genoegzaam bekend. Een keizer die erg op pracht en praal was gesteld, wenste steeds nieuwe kleren, waar hij dan weer snel op uitgekeken geraakte. Hij beval zijn onderdanen nieuwe gewaden te ontwerpen uit een stof die nog niet bestond. Vele voorstellen kwamen binnen, tot enkele rondreizende (malafide) kleermakers hem voorstelden nieuwe gewaden te maken uit een stof die alleen zichtbaar was voor intelligente mensen. 

De keizer aanvaardt, gedreven door zijn narcistische aard, en telt de dagen af naar de oplevering van de nieuwe kledingstukken. Bij hun terugkeer tonen de malafide kleermakers hem een onzichtbaar gewaad, en voeren een theaterstukje op waarbij ze de kledingstukken schijnbaar voorzichtig behandelen, uitpakken, tonen en ze de keizer aanpassen. De keizer durft niet toe te geven dat hij geen gewaden ziet, om niet als dommerik bestempeld te worden. En zijn hovelingen prijzen de nieuwe uitrusting en reageren even enthousiast als huichelachtig wanneer hij even later voor zijn hofhouding paradeert … in zijn blootje. 

Tot een kind de farce doorprikt en uitroept: “De keizer heeft geen kleren aan!”, en iedereen het schaamrood op de wangen krijgt. 

Het is uiteraard overdreven te stellen dat we vandaag de werkelijkheid in de gezondheidszorg even veel geweld aandoen als in het sprookje van de nieuwe kleren van de keizer. En toch zijn er een aantal parallellen te trekken. Iedereen beseft dat de huidige organisatie van onze gezondheidszorg aan herziening toe is. En wie bereid is de cijfers grondig te bestuderen, weet ook dat de financiering van onze zorg grondig en fundamenteel anders moet om betaalbaar te blijven, en om de huidige hoge kwaliteit en de toegankelijkheid te waarborgen voor de volgende jaren en de toekomstige generaties. 

De Belgische gezondheidszorg anno 2025 staat misschien niet in z’n blootje, maar de gewaden zijn toch zo versleten dat niemand kan ontkennen dat we aan een nieuwe outfit toe zijn. Geen simpele opdracht, en eentje die heel veel moed vraagt van alle actoren. Spelers met uiteenlopende belangen, groepen die vaak baat hebben bij de status-quo, en allen gehinderd door onze uitermate complexe staatsstructuur en ingewikkelde beslissingsniveaus. 

Bovendien volstaat het al lang niet meer om het bestaande systeem wat bij te sturen en hier en daar een accentje te verleggen. We staan voor een complete make-over van de gezondheidszorg, een nieuwe aanpak die de kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg behoudt binnen een totaal ander systeem dat onze zorg aanpast aan de noden en eisen van 2030 and beyond. 

Zulke ingrijpende veranderingen ontstaan traditioneel van onderuit, vanuit een aanpassing van gedrag van de bevolking, vanuit de wijsheid van de burgers. In dit geval geholpen door de lessen die de Corona-pandemie ons geleerd heeft. 

Zonder de pretentie te hebben wetenschappelijke uitspraken te doen over het virus en de gevolgen ervan, tonen de eerste conclusies die we uit de pandemie kunnen trekken toch -met een licht gevoel voor veralgemening, zo beseffen we- dat gezonde, fitte mensen, zonder overgewicht en onderliggende aandoeningen, die een evenwichtig voedingspatroon volgen en voldoende bewegen en sporten, beter beschermd zijn tegen het virus, en minder zwaar ziek vallen in geval van besmetting. Het is ook een vaststelling dat ongezonde levensomstandigheden en slechte voedingsgewoonten sociaal niet gelijk verdeeld zijn in onze samenleving. Armere bevolkingsgroepen leven om die reden minder lang. Preventie is een sociale actie. 

De noodzaak aan preventieve gezondheidszorg is echter geen conclusie die nu plots getrokken wordt naar aanleiding van de pandemie. Het besef dat preventie toonaangevend moet worden in de zorg van de toekomst, maakt al langer opgang. Corona heeft dit besef enkel tastbaarder gemaakt, en de nood aan nadruk op preventie urgenter. 

Hopelijk volgt de financiering van de preventieve gezondheidszorg nu snel. Die zit immers vast in het kluwen van de zesde staatshervorming die de organisatie van de zorg aan de deelstaten toewijst, maar de financiering federaal heeft gehouden… 

Onze mening hierover is trouwens niet uniek, maar sluit nauw aan bij die van ons specialisten-panel. En ook bij die van de Oeso, de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, die er in hun jaarlijks ‘Health at a Glance’-rapport over de wereldwijde gezondheidszorg geen doekjes om windt. De Oeso stelt dat groei van de levensduur (enkele uitzonderingen niet te na gesproken) wereldwijd nog nauwelijks stijgt, en dat meer en meer mensen getroffen worden door chronische ziekten en mentale aandoeningen.  

Ook al is de medische wetenschap er de voorbije decennia in geslaagd heel wat aandoeningen beter te genezen en te behandelen, onze ongezondere levensstijl zorgt voor een stevig tegengewicht en leidt vandaag tot vermijdbare overlijdens. Preventie zou volgens de berekening van deze organisatie in de Oeso-landen jaarlijks 3 miljoen doden kunnen voorkomen. Roken, overmatig drinken en ongezond overgewicht (obesitas) zorgen niet alleen voor voortijdig overlijden, maar tevens voor een enorme financiële en operationele druk op ons gezondheidsapparaat, en voor een daling van de levenskwaliteit gedurende een deel van het leven.  

En dan hebben we het nog niet over de geestelijke gezondheid gehad: de Oeso rapporteert dat ruwweg 1 op de 2 inwoners van de Oeso-landen op één of meerdere momenten in hun leven kampen met mentale problemen. De studie dateert bovendien van net voor de Corona-crisis: we mogen er van uitgaan dat het mentale welzijn er tijdens de pandemie niet op is vooruitgegaan. Integendeel… 

De Oeso vraagt in het besluit nog meer rekening te houden met de eigenheid en specifieke verwachtingen van elke patiënt, de zorg wereldwijd nog meer toegankelijk te maken, maar legt in niet mis te verstane bewoording de nadruk op de nood aan preventieve gezondheidszorg. Overheden moeten de financiering van de zorg dringend aanpassen aan deze nieuwe realiteit en preventie vooraan plaatsen, stelt de Oeso. De veroudering van de  bevolking en de groei van de budgetten voor gezondheidszorg (de kosten voor gezondheidszorg stijgen al lang sneller dan de economische groei) maken de huidige financiering onhoudbaar. 

Preventie kan niet alleen onze bevolking gezonder maken, weerbaarder en gelukkiger, het houdt onze zorg ook betaalbaar voor de volgende generaties. Voor alle duidelijkheid: we hebben het dan over preventie binnen de fysieke én de mentale gezondheidzorg. Op dat laatste vlak staan we immers voor een extra uitdaging, aangezien België nog steeds in het trieste koppeloton zit wat aantal zelfmoorden per 100.000 inwoners betreft. We laten daar binnen de Oeso tot ons afgrijzen enkel Rusland, Slovenië, Letland, Litouwen en Korea voor ons… 

In België leverde denktank Itinera Institute de voorbije jaren knap werk rond de voordelen van preventieve gezondheidszorg en de weg die onze zorg de komende jaren op moet. In het zeer aanbevelingswaardige boek “Investeer in een gezonde levensstijl” breekt auteur Johan Albrecht, professor aan de Ugent en Itinera-fellow een lans voor een activerend preventiebeleid. 

Professor Albrecht stelt dat onze gezondheid of gezondheidsstatus voor 75% wordt bepaald door onze levenskeuzen, voor 10% genetisch bepaald is, en voor 15% afhangt van andere factoren (waar het lot en gewoon geluk ook deel van uitmaken). Geen reden voor fatalisme of geloof in pre-determinatie dus: eigen initiatief bepaalt goeddeels hoe gezond of ongezond we door het leven gaan.  

Sport, bewegen, een evenwichtige voeding, en voldoende slaap hebben dus een zeer bepalende invloed op onze gezondheid, en dus op onze levenskwaliteit. Professor Albrecht zet deze aanname ook om in cijfers. De vier niet-overdraagbare aandoeningen (NCD’s of non-communicable diseases) die vandaag de meeste sterfgevallen veroorzaken zijn kanker, cardiovasculaire aandoeningen, longziekten en diabetes. De behandeling ervan kost onze Belgische gezondheidszorg jaarlijks ongeveer 15,2 miljard euro. Indien een doorgedreven preventie en een gezondere levensstijl de helft van deze aandoeningen zou kunnen voorkomen, besparen we in de berekening van professor Albrecht zowat 7,6 miljard euro. 

Niet inzetten op preventieve zorg en sensibilisering van de bevolking om een gezondere levensstijl na te streven, zou bovendien ernstige en wraakroepende gevolgen hebben. Zonder beleids- en gedragsaanpassingen zou de medische kost van de 4 niet-overdraagbare aandoeningen of ziekten tegen 2050 immers groeien met niet minder dan 82%. En dan hebben we het nog niet gehad over de stijgende medische en economische kosten van geestelijke aandoeningen, burn-outs en mentale problemen.  

Aandacht in preventieve gezondheidszorg voor de belangrijke drie-eenheid ‘fysieke paraatheid, geestelijke gezondheid en voeding’ zou bovendien niet alleen de kosten in de gezondheidszorg drastisch verlagen (en dus middelen vrijmaken voor een toekomstgerichte aanpak van de zorg, met gezondheidscampussen als spil van regionale eco-systemen met een rol voor elk van de lokale zorgactoren, waarop we verder in dit werk terugkomen). Een uitgedachte en ambitieuze vorm van gezondheidspreventie en aanmoediging (nudging) van de bevolking om gezonder te leven, leidt bovendien tot het ontstaan van nieuwe structuren, privé-initiatieven en organisaties die preventie als businessmodel kiezen, en daardoor als vliegwiel fungeren voor de inspanningen van de overheid op dit vlak.  

En de shift is intussen al ingezet. De gezondheidszorg verschuift razendsnel van reactieve behandeling naar proactieve preventie, gedreven door vooruitgang in genomische sequentiebepaling, data-analyse en draagbare technologie. Door het in kaart brengen van iemands genetisch profiel kunnen risico’s op ziekten vroegtijdig worden geïdentificeerd en kan preventieve zorg op maat worden aangeboden. 

Wearables zoals slimme horloges en gezondheidssensoren maken continue monitoring van vitale functies zoals hartslag, zuurstofsaturatie en bloedglucose mogelijk. Deze technologieën stellen individuen en zorgverleners in staat om afwijkingen vroeg te detecteren en in te grijpen voordat ernstige aandoeningen ontstaan. Dit leidt niet alleen tot betere gezondheidsuitkomsten, maar verlaagt ook de zorgkosten door dure ziekenhuisopnames en ingrepen te voorkomen. 

Naast technologische vooruitgang staat patiëntgerichte zorg centraal in deze transitie. Door middel van patiënt-empowerment en gedeelde besluitvorming krijgen individuen meer controle over hun gezondheidstraject. Gepersonaliseerde aanbevelingen, op basis van genetische en leefstijlgegevens, stimuleren een actieve rol in ziektepreventie en welzijnsbeheer. 

De combinatie van kennis van het genoom, continue monitoring en patiëntgerichte zorg leidt tot een paradigmaverschuiving in de gezondheidszorg. De toekomst ligt in preventie en maatwerk, waarbij technologie en data-analyse de sleutel vormen tot gezondere samenlevingen. 

Vragen over onze Care Changers realisaties?

Neem contact op
Nieuwsbrief
Nieuwsbrief
CareChangers

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor Care Changers en ontvang inspirerende updates over de laatste zorginnovaties

Ik ga akkoord met de privacy policy.

Inschrijven